Enkele krakkemikkige live-opnamen, verdeeld over verschillende verdwaalde DAT- en cassettebandjes. Zo'n twee-en-een-half jaar na hun legendarische tweede Melkwegconcert, is dat het enige tastbare bewijs dat de zevenmansformatie Vrot Snok ons van haar roerige bestaan heeft nagelaten. Echter zo klein als deze materiële resten, zo groot is de herinnering aan de vele concerten die de band in haar korte bestaan op de meest uiteenlopende lokaties heeft gegeven.
Uw verslaggever herinnert zich alle Vrot Snok-optredens als de dag van gisteren. Een kleine opsomming. Het studentenfeest in Groningen, het Portugese buurthuis, het LSVB-lustrum in Delft alwaar Jo Ritzen tot ieders verbazing een prehistorische jive uit de kast trok op de klanken van publieksfavoriet nummer 1, Het Zwaard, de huiskamer van de familie Vreeman, het borreljubileum in café de Krater, een benefietvoorstelling in de Winston, twee koninginnedagoptredens in de Amsterdamse openlucht, bruiloften en partijen en natuurlijk de twee beruchte Melkwegconcerten. Waarvan het laatste de band leidde naar de glorieuze winst van de prestigieuze Grote Prijs van Py.
De groep, rond gitarist en begenadigd zangeres Sophie Zeyl, maakte muziek die moeilijk in een hokje te stoppen is. Elk nummer is totaal verschillend van het vorige, maar toch is in iedere song het groepsgeluid moeiteloos te herkennen. Dit komt voor een groot deel op conto van saxbeest Neelke van der Weerd. Ook wanneer de groep zich van een volledig onverwachte kant laat zien en Marky-Mark en Flip-de-Rapper (resp. rapper Mark Vreeman en rapper, percussionist en backingvocalist Philip Scholte) hun rijms over het publiek laten vloeien, soms loom en relaxed, soms hard en in-your-face, laten de saxy capriolen van de Neel je horen dat je nog altijd met dezelfde band van doen hebt. Een ander herkenbaar element is het karakteristieke gitaarspel van Maarten Bakker. Piepend en krakend lijkt hij zich door het repertoire heen te werken. Menigmaal wordt het publiek danig op het verkeerde been gezet, maar uiteindelijk vallen alle stukjes op de juiste plek. Als laatste (en zeker niet de minste) is daar nog de onmisbare en solide ritmesectie, bestaande uit Eline Visser op bas en Maarten Vreeswijk op drums. Samen vormden zij eerder de ritmetandem in helaas eveneens te vroeg ter zielen gegane Grote Prijswinnaar Shinola, en dat is te horen. Of het nu gaat om een subtiele beat, ingenieuze tempowisselingen of gewoon strak hakken, zij slaan zich er vol overtuiging doorheen. Het moge duidelijk zijn, van layed back blues of harde rap in je moerstaal tot stevige rock met Engelse lyrics, het Vrot Snokgeluid is uniek en staat als een huis. Nooit moeilijk of ingewikkeld, maar altijd de juiste toon op het goede moment.
De meest geslaagde pogingen tot het vastleggen van het unieke bandgeluid zijn samengebracht op een korte CD. Deze in zeer gelimiteerde oplage uitgebrachte bootleg, Live in de Melkweg 98-99, laat ondanks de gebrekkige produktie, een band horen die sterke nummers combineert met hoorbaar spelplezier. Zeven van de naar schatting dertien nummers die de band geschreven moet hebben, zijn op deze manier voor de vergetelheid gespaard gebleven. Had ze in hun hoogtijdagen met de juiste producer achter de knoppen in de studio gezet en het had wel eens heel anders kunnen lopen. Maar het liep niet anders. We zullen het moeten doen met wat we hebben.
MJB